Anti-Rokers: Het doel heiligt de middelenTerug naar Hoofdmenu

Longkanker Sterftecijfers

Waarom zijn er internationaal zulke grote verschillen?

Volgens gezondheidsinstellingen en organisaties tegen roken is het statistisch verband tussen roken en longkanker definitief vastgesteld. Op zich wil ik het verband niet ontkennen, ik vraag me alleen af waarom dat statistisch verband internationaal zeer verschillende resultaten lijkt te geven.

Sinds kort is het volgende rapport van de Wereld Gezondeidsorganisatie op het internet verschenen: "Tobacco or Health: A Global Status Report, Country Profiles by Region, 1997". Het gaf me de mogelijkheid om de longkanker-sterftecijfers van vele landen naast elkaar te zetten. De volledige lijst staat op het Engelstalige deel van mijn site.

In de volgende tabel vergelijk ik de longkanker-sterftecijfers (LCDR) van een aantal landen met elkaar. Gezondheidsorganisaties beweren dat tussen 83% en 92% van de longkankergevallen bij mannen veroorzaakt wordt door roken. In de laatste kolom heb ik het gemiddelde daarvan (87,5%) van de LCDRs toegeschreven aan het rokende deel van de landen om tot een makkelijke vergelijking te komen.

Longkanker-sterftecijfers en rokerspercentages van mannen:
(bj '90 = begin jaren '90)

Land LCDR
leeftijd gecorrigeerd,
per 100,000
Percentage
rokers,
leeftijd 15+
LCDR per
100,000 rokers
(theoretisch)
België 115.3 ('85-89) 31.0 ('93) 325.4
Verenigde Staten 85.9 (bj '90) 28.1 ('91) 267.5
Verenigd Koninkrijk 85.5 (bj '90) 28.0 ('94) 267.2
Nederland 103.0 (bj '90) 36.0 ('94) 250.3
Australië 61.1 (bj '90) 29.0 ('93) 184.4
Duitsland 71.3 (bj '90) 36.8 ('92) 169.5
Zwitserland 65.0 (bj '90) 36.0 ('92) 158.0
Frankrijk 68.6 (bj '90) 40.0 ('93) 150.1
Israel 38.1 (bj '90) 45.0 ('90) 74.1
Japan 47.9 (bj '90) 59.0 ('94) 71.0

Al deze landen hebben een goede reputatie op het gebied van de gezondheidszorg, misdiagnose is daarom als bepalende factor onwaarschijnlijk.

De lijst roept interressante vragen op, waarom lijkt een Belgische roker 4.58 keer zoveel kans op longkanker te hebben als een Japanse roker en heeft een Nederlander ten opzichte van een Fransman nog altijd een relatief risico van 1.67?
Bij organisaties tegen roken, die bij meeroken een relatief risico van 1.2 al verontrustend vinden, zou dit toch een prangende vraag moeten zijn.

Een mogelijk verweer is dat het aantal sigaretten dat gerookt wordt bepaald hoevaak longkanker voorkomt. Gelukkig geeft de WHO hier ook cijfers voor. Aangezien deze cijfers niet per geslacht worden uitgesplitst geldt de volgende grafiek voor mannen en vrouwen.*

Door het aantal sigaretten dat een gemiddeld persoon per jaar rookt te vermenigvuldigen met 100.000 kunnen we berekenen hoeveel sigaretten 100.000 personen jaarlijks roken voordat één van hen sterft aan longkanker.

Longkanker-sterftecijfers en sigarettenconsumptie:

Land LCDR
leeftijd gecorrigeerd,
per 100,000
Gem. Sigaretten
consumptie
per persoon
per jaar
Gerookte sigaretten
per LDCR
(theoretisch)
België 63.1 ('85-89) 2310 ('90-92) 3.660.856
Verenigde Staten 61.4 (bj '90) 2670 ('90-92) 4.348.534
Verenigd Koninkrijk 58.2 (bj '90) 2210 ('90-92) 3.797.251
Nederland 59.3 (bj '90) 2820 ('90-92) 4.759.494
Australië 40.2 (bj '90) 2710 ('90-92) 6.749.689
Duitsland 41.8 (bj '90) 2360 ('90-92) 5.652.695
Zwitserland 38.6 (bj '90) 2910 ('90-92) 7.548.638
Frankrijk 38.2 (bj '90) 2120 ('90-92) 5.557.012
Israel 25.1 (bj '90) 2290 ('90-92) 9.123.506
Japan 30.3 (bj '90) 3240 ('90-92) 10.710,744

Ook hier zien we, als we landen met elkaar vergelijken, verrassend verschillende cijfers. Japanners lijken 2.9 keer zo veel sigaretten te kunnen roken als Belgen voordat er een longkankerdode valt.

Ik geef deze vergelijkingen niet om de relatie tussen longkanker te ontkennen, het gaat mij erom dat er veel te weinig aandacht gegeven word aan cijfers die vele vragen zouden moeten oproepen.
Vooral de lage cijfers van Japan zou onderzoekers aan het werk moeten zetten, waarom eist het roken zoveel minder doden in dat land?

* Omdat de WHO alleen cijfers voor mannen en vrouwen geeft is dit eenvoudig berekend door de LDCRs van mannen en vrouwen te middelen.


[ Terug naar hoofdmenu ]