Velen onder hen zijn niet eens bijzonder zware rokers maar zij
zijn al als tiener met roken begonnen. De helft van de sterfgevallen
ten gevolge van roken vindt plaats op middelbare leeftijd (35
tot 69), waarbij de levensverwachting telkens ca. 20-25 korter
is dan bij niet-rokers: de andere helft van de sterfgevallen treedt
op na het zeventigste jaar.
In andere woorden: Bij bijna de helft van de gevallen kan men niet serieus
spreken over 'vroegtijdig' overlijden.
De claim van 20-25 is echter omstreden. Als men naar de cijfers
van "National Health Interview and the National Mortality Follow-back Surveys"
in de VS kijkt blijkt dat het verschil tussen nooit-rokers en huidige rokers
in de leeftijdscategore 25-29 jaar zeven jaar bedraagt, terwijl het verschil
afneemt tot 3 jaar bij de leeftijdscategorie 75+. Ook is het feit interessant
dat een rokende vrouw nog altijd een langere levensverwachting heeft dan een
niet-rokende man.
Een ander voorbeeld van de onbetrouwbaarheid van geclaimde gegevens is het
feit dat de Stivoro een verlies van gemiddeld 13 jaar claimt...
U kunt hier meer over 'de verloren jaren' lezen in een ander
artikel van Carol Thompson.
Er bestaan evenwel duidelijke en afdoende
bewijzen dat het later buitengewoon hoge risico om aan een met
het roken samenhangende oorzaak te sterven, voor een groot deel
wordt vermeden, wanneer men stopt met roken voordat kanker
of andere ernstige aandoeningen optreden. Dit is zelfs het
geval wanneer men pas op middelbare leeftijd stopt met roken.
Wereldwijd sterven jaarlijks naar schatting drie miljoen mensen
aan de gevolgen van roken. Het aantal sterfgevallen ten gevolge
van tabaksgebruik in de tweede helft van de twintigste eeuw wordt
op 60 miljoen geraamd. In de meeste landen moeten de belangrijkste
gevolgen van de tabaksepidemie nog komen. Dit geldt in
het bijzonder voor vrouwen in de industrielanden en bepaalde bevolkingsgroepen
in ontwikkelingslanden, daar het aantal sterfgevallen door tabaksverbruik
tegen de tijd dat de nu nog jonge rokers de middelbare of oudere
leeftijd bereikt hebben rond tien miljoen per jaar zal bedragen.
Wij kunnen ervan uitgaan dat ongeveer 500 miljoen mensen in de
hele wereld aan de gevolgen van roken zullen sterven en dat rond
de helft van deze sterfgevallen vroegtijdig zal optreden en personen
van middelbare leeftijd zal treffen.
Daar kunnen we dus helemaal niet van uitgaan. De vroegere voorspelling dat
minder rokers grote invloed zou hebben op het aantal sterfgevallen door
rokersziekten is ook niet uitgekomen. Deze theorie is vervangen door de
'theorie van de langdurige latentie'.
De situatie in Europa is bijzonder zorgwekkend. In de Europese
Unie worden na China (1 675 miljard) de meeste sigaretten geproduceerd
(1993: 694 miljard), en ze is de grootste sigarettenexporteur
(218 miljard). In Midden- en Oost-Europa neemt het aantal rokers
voortdurend toe. Van de zes WHO-regio's heeft Europa het hoogste
sigarettenverbruik per capita. Europa wordt rechtstreeks
met de grote uitdaging geconfronteerd de WHO-doelstelling van
minstens 80 % niet-rokers van de bevolking te bereiken.
De situatie is zorgwekkend omdat we een WHO-doelstelling niet halen?
In de Europese Unie rookt momenteel (voorjaar 1994) 42% van de
mannen en 28% van de vrouwen regelmatig. Het percentage van de
vrouwen wordt door de lage cijfers in de Zuideuropese landen geflatteerd.
Er bestaan echter aanwijzingen dat de percentages daar stijgen
en dat dit ook in de komende tien jaren nog het geval zal zijn.
Bovendien is het percentage rokers in de leeftijdscategorie van
25 tot 39 jaar hoog (55% van de mannen en 40% van de vrouwen),
hetgeen waarschijnlijk aanzienlijke gevolgen voor de kankerincidentie
zal hebben. Het is bijzonder zorgwekkend dat het aantal rokers
onder de huisartsen, die een voorbeeld van gezondheidsbewust gedrag
zouden moeten zijn, in vele delen van Europa nog steeds zeer hoog
is. Daartegen zou onmiddellijk iets ondernomen moeten worden.
Hier wordt dus gewoon toegegeven dat een groot deel van de 'wondermiddelen' om
het aantal rokers te verminderen niet werkt:
Verbod op tabaksreclame is in veel landen van Zuid-Europa al enkele jaren van kracht.
Voorlichting heeft zelfs bij huisartsen een beperkt effect.
Uit de ervaringen is gebleken dat veranderingen in het rookgedrag
voornamelijk maatschappelijk bepaald zijn en niet zozeer door
op het individu gerichte maatregelen als programma's voor het
stoppen met roken worden bereikt. Maatregelen zoals een reclameverbod
en verhoging van de sigarettenprijzen zijn hoofdzakelijk van invloed
op het koopgedrag van jongeren. Bijgevolg kunnen de risico's van
roken voor de volksgezondheid alleen worden verminderd door een
gericht anti-rookbeleid en de ervaring heeft geleerd dat dit het
beste kan gebeuren in de vorm van acties om jongeren van het roken
af te houden en acties om rokers bij het stoppen te ondersteunen.
Waar heeft de ervaring dat geleerd? In practisch heel Europa
stijgt het aantal rokende jongeren de laatste jaren weer, ondanks
vele prijsverhogingen en verboden op reclame.
Wil het succesvol zijn, dan moet een dergelijk anti-rookbeleid
veelomvattend zijn en gedurende lange tijd worden volgehouden.
De vereisten zijn onder andere: belastingverhogingen voor rookartikelen,
een totaal verbod op directe en indirecte reclame, rookvrije zones
in afgesloten openbare ruimten, gezondheidsopvoeding, doeltreffende
waarschuwingen op rookartikelen, een beleid inzake lagere maximumwaarden
voor het teer- en nicotinegehalte van sigaretten, aanmoedigingen
om met het roken op te houden en individuele gezondheidsprogramma's.
Nogmaals, Waar hebben deze maatregelen nou ooit gewerkt?
Gelukkig volgt er een poging tot een antwoord.
Het belang van passende maatregelen blijkt wel uit de lage percentages
longkanker in de Scandinavische landen, die al sedert het begin
van de jaren zeventig geïntegreerde centrale en lokale beleidsmaatregelen
en programma's tegen het roken hebben.
De Scandinavische landen? Aleen Zweden en Finland (technisch geen een Scandinavisch land)
hebben lage percentages. Noorwegen en Denemarken daarentegen
hebben relatief hoge percentages!
Kijken we naar jongeren dan zien we dat Finland bovenaan staat als het gaat om percentages
van 15-jarige jongeren die roken, de
overige Scandinavische landen scoren ook niet bijzonder goed. Is het effect uitgewerkt?
En waarom worden al die landen waar hogere prijzen, tabaksreclameverboden en steeds
meer voorlichting niet hebben gewerkt gewoon genegeerd?
In het Verenigd Koninkrijk is het tabaksverbruik sinds 1970 met 30% gedaald en neemt de
longkankermortaliteit bij mannen sinds 1980 af, hoewel ze nog steeds zeer hoog is.
Genegeerd wordt het feit dat ook het aantal rokende vrouwen in die periode sterk is
afgenomen, maar de longkankermortaliteit bij vrouwen nog steeds toeneemt!
In Frankrijk is het tabaksverbruik ten gevolge van de met de wet Evin ingevoerde
anti-rookcampagnes tussen 1992 en 1993 met 8% gedaald.
Uit dezelfde beschikbare cijfers over 15-jarige jongeren blijken Frankrijk, Schotland
en Noord-Ierland bij hoogste percentages rokende jongeren te horen.
Waaruit blijkt nu de werking van 'actieve anti-rookcampagnes'?
Daarom moet de eerste aanbeveling van de Europese code tegen kanker
luiden:
ROOK NIET. Roken is de meest voorkomende oorzaak van vroegtijdige
dood.
ROKERS, STOP ZO SPOEDIG MOGELIJK MET ROKEN. Wat de verbetering
van de algemene gezondheidstoestand betreft, kan het later buitengewoon
hoge risico om aan een met het roken samenhangende oorzaak te
sterven, voor een groot deel worden vermeden, wanneer u stopt
met roken voordat kanker of andere ernstige aandoeningen optreden.
Dit is zelfs het geval wanneer u pas op middelbare leeftijd stopt
met roken.
Maar de 'langdurige latentie' dan?
ROOK NIET IN DE AANWEZIGHEID VAN ANDEREN. Uw roken kan
nadelige gevolgen hebben voor de gezondheid van andere personen
in uw omgeving.
Geen wetenschappelijk bewijs voor.
ALS U NIET ROOKT, EXPERIMENTEER DAN NIET MET TABAK. De meeste
niet-rokers die een paar sigaretjes proberen, raken verslaafd.
Ophouden is moeilijk voor iemand die eenmaal met roken is begonnen.
Hetzelfde geldt voor koffie, bier, whiskey tv kijken en internetten...
Voor verdere informatie verwijs ik graag naar de pagina's van
FORCES.